Hoofdbanner

Ik ben de stad, zei je
en ik bolde bruggen
vulde straten met
ziedend snel asfalt
danste de polonaise
op het schuimende plein.

Ik ben een huis, zei je
en ik opende een deur
gaf iedereen een hand
at de tafel leeg, duwde
kinderen van de trap
ging met de vrouw naar bed.

Ik ben een plein, zei je
en ik rende halsoverkop weer naar buiten;
asfalt was stroop
bruggen lagen gekapseisd
in modderig water
klinkers waren stuk gewalst.

Ik ben de stad, zei je.