dit is de laatste keer
dat de oranje bessen
van de vuurdoorn zijn aanschouwd
gebalde sap
van het doornige leven
dat door onze aderen stroomt
jij tussen de wolken
met vogels op de vlucht
op weg naar waar de vrede
languit ligt
in wit woestijnzand
er is geen gemis
de traan die vloeit
is een stofje in mijn ogen
dat de wind aanvoer
een gruisje dat niets om het lijf heeft
Of verstopt zijn tussen wolken, wind en doorns en het leven zelf.