Hoofdbanner

Goed voor jezelf zorgen, betekent niet alleen gezond eten (verse, onbespoten groente en fruit, geen bewerkte producten uit de supermarkt), maar ook genoeg bewegen, met de voorkeur voor een flinke dagelijkse wandeling. Daarnaast kun je je spieren extra oefenen door het doen van 10 à 15 minuten bewuste bewegingen per dag. Zeker wanneer je ouder wordt, gaat je spiermassa relatief snel achteruit, hetgeen je algemene gezondheid niet ten goede komt. 
Hieronder staan 10 spieroefeningen die je heel eenvoudig thuis kunt doen. Je hebt geen apparaten nodig, alleen je eigen lichaam. 

1.   De push-up (60 s)
Een push-up (of opdrukken) is een lichaamsoefening om het bovenlichaam te versterken. Je begint in een hoge plankpositie, met je handen iets breder dan schouderbreedte op de grond, en je lichaam vormt een rechte lijn van hoofd tot hielen. Vervolgens zak je met gebogen ellenbogen je borst richting de grond en duw je jezelf explosief weer omhoog. De oefening traint vooral de borst-, schouder- en tricepsspieren, maar ook de buikspieren en andere stabiliserende spieren. 

Hoe voer je een push-up uit?
Startpositie: Ga in de hoge plankhouding liggen, met je handen net iets breder dan schouderbreedte op de grond geplaatst en je vingers naar voren wijzend. Span je buik-, rug- en bilspieren aan om je lichaam recht te houden als een plank. 
Zakken:Buig je ellnebogen langzaam en laat je borst richting de grond zakken, totdat je bijna de vloer raakt. 
Omhoog duwen: Duw jezelf explosief omhoog door je armen te strekken, terwijl je lichaam recht en stabiel blijft. 
Herhalen: Herhaal deze beweging zolang je de juiste vorm kunt behouden. 

Belangrijke aandachtspunten:
Rechte rug: Houd je rug recht om blessures te voorkomen. 
Core aanspannen: Span je buikspieren en bilspieren aan gedurende de hele oefening. 
Volledige beweging: Zak zo ver mogelijk naar de grond voor een maximale bewegingsuitslag. 
Juiste uitvoering is belangrijk: Het is beter om een paar push-ups op de juiste manier te doen dan veel op de verkeerde manier. 


2.   De muursquat (30 s)

Een muursquat, ook bekend als een wall sit, is een statische krachtoefening waarbij je met je rug tegen een muur staat, je knieën buigt tot een hoek van 90 graden, en deze positie vasthoudt om je bovenbeenspieren, billen en core te trainen. De muur fungeert als steun en begeleidt de beweging, terwijl je de spieren in je benen en buik aanspant om de houding te behouden. 

Hoe voer je een muursquat uit?
Startpositie: Ga rechtop staan met je rug tegen een muur. 
Voeten positioneren: Stap met je voeten naar voren, weg van de muur, en plaats ze op schouder- of heupbreedte. 
Zakken: Laat je rug gecontroleerd langs de muur naar beneden zakken, buig je knieën en neem een positie aan waarbij je bovenbenen ongeveer horizontaal zijn en de knieën een hoek van 90 graden maken. 
Houding: Zorg dat je rug recht blijft en je billen en schouders contact houden met de muur. 
Aanspannen: Span je bovenbenen, billen en buikspieren aan. 
Positie vasthouden: Blijf in deze houding staan voor de gewenste duur. Je kunt variëren in duur; begin met 15 tot 20 seconden en bouw dit langzaam op. 
Einde oefening: Kom rustig weer omhoog naar de beginpositie. 

Doel en voordelen:
Spierkracht: De oefening versterkt je quadriceps, hamstrings en bilspieren. 
Core-stabiliteit: Je traint tegelijkertijd ook je core (romp). 
Pijntolerantie: Het helpt je om door de brandende sensatie in je benen heen te bijten en je doorzettingsvermogen te vergroten. 


3.   Knieën naar borst (60 s)
De oefening ‘Knieën naar borst’ is een stretchoefening waarbij je op je rug ligt, één knie naar je borst trekt en dit even vasthoudt om de onderrug en heupen te ontspannen, of je kunt beide knieën tegelijk naar de borst trekken voor een diepere stretch van de lage rug. 

Hoe voer je de ‘Knieën naar borst’ oefening uit?
Startpositie: Ga op je rug liggen met je knieën gebogen en je voeten plat op de grond. 
Eén knie naar borst: Trek met je handen één knie rustig naar je borst. 
Wissel van been: Leg het been weer neer en herhaal de beweging met het andere been. 
Beide knieën tegelijk: Voor een diepere stretch kun je ook beide knieën tegelijk naar de borst trekken en je handen om beide knieën plaatsen. 
Rust: Je kunt deze oefening 2-3 keer per been herhalen of je kunt de houding langer aanhouden. 

Doel en voordelen:
Ontspant de lage rug: Het helpt om spierspanning in de onderrug te verminderen. 
Verbetert flexibiliteit: Het verhoogt de flexibiliteit in de onderrug en heupen. 
Verlicht rugpijn: De oefening is gunstig voor mensen met lage rugpijn, ischias of algemene stijfheid in de onderrug. 


4.   De sit-up (60 s)

Een sit-up is een klassieke buikspieroefening waarbij je, liggend op je rug met gebogen knieën, je bovenlichaam volledig omhoog brengt totdat je bijna rechtop zit, en dit vervolgens langzaam weer laat zakken. Je traint hierbij voornamelijk je rechte buikspier, maar ook je heupflexoren en spieren in de onderrug worden gebruikt voor stabiliteit. De oefening wordt uitgevoerd met het eigen lichaamsgewicht, zonder speciale apparatuur. 

Hoe voer je een sit-up uit?
Beginpositie: Ga op je rug liggen op een mat met je voeten plat op de grond en je knieën gebogen. 
Handen: Plaats je handen losjes achter je oren, met je ellenbogen opzij, of kruis ze over je borst. 
Omhoog bewegen: Span je buikspieren aan en til je bovenlichaam omhoog tot je bijna rechtop zit. Je borst gaat richting je knieën.
Langzaam zakken: Laat je bovenlichaam vervolgens langzaam en gecontroleerd weer zakken naar de beginpositie. 
Ademhaling: Adem uit tijdens het omhoog komen en adem in terwijl je weer zakt. 

Belangrijke aandachtspunten:
Neutraal lichaam: Houd je hoofd en nek in lijn met je lichaam, druk je kin niet tegen je borst. 
Voorkom een holle rug: Probeer je onderrug plat te houden en niet te veel te bollen, want dit kan druk op de rug veroorzaken. 
Volledige beweging: Zorg dat je het hele bovenlichaam van de vloer tilt, in plaats van alleen je schouderbladen (wat meer op een crunch lijkt). 


5.   De crunch (60 s)
Een crunch is een fitnessoefening om de rechte buikspieren te trainen, waarbij je op de rug ligt met gebogen knieën en de schouderbladen van de grond tilt door de buikspieren aan te spannen. Het is een variatie op de sit-up, maar je komt minder ver omhoog dan bij een sit-up en de beweging is kleiner, gericht op de bovenste buikspieren. 

Zo voer je een crunch uit:
Beginpositie: Ga op je rug liggen met je knieën gebogen en je voeten plat op de grond, op heupbreedte. 
Handen: Plaats je handen achter je hoofd, gekruist over je borst, of gestrekt langs je lichaam. 
Beweging: Adem in en trek je navel naar je ruggengraat. Adem uit terwijl je je hoofd, nek en schouderbladen van de grond tilt, waarbij je je buikspieren aanspant. 
Terugkeer: Adem in en keer langzaam terug naar de beginpositie, waarbij de onderrug op de grond blijft. 

Belangrijke aandachtspunten:
De beweging: Bij een crunch trek je alleen je schouders en hoofd van de grond, je romp komt niet ver omhoog, anders wordt het een sit-up. 
Spieren: Deze oefening richt zich voornamelijk op de bovenste rechte buikspier. 


6.   De step-up (60 s)
Een step-up is een oefening waarbij je met één voet op een verhoging stapt en jezelf omhoog duwt totdat je lichaam gestrekt is, vergelijkbaar met traplopen. De oefening traint voornamelijk de spieren van de benen, de bilspieren en de core stability, maar activeert ook de bovenrug- en schouderspieren. Step-ups zijn eenvoudig uit te voeren met variaties in moeilijkheidsgraad, zoals het toevoegen van gewichten, en verbeteren ook de mobiliteit en flexibiliteit van de benen en heupen. 

Hoe voer je de oefening uit?
Startpositie: Ga voor een stabiel verhoogd oppervlak staan, zoals een stevig bankje of een andere verhoging. 
Stap omhoog: Plaats één voet volledig op het verhoogde oppervlak. 
Omhoog duwen: Duw jezelf krachtig omhoog met de hiel van je voet op de step, totdat je volledig gestrekt staat op beide benen op het platform. Je kunt de andere voet naar het platform brengen of in de lucht houden voor extra uitdaging. 
Gecontroleerd zakken: Laat je gecontroleerd zakken met dezelfde voet die je hebt gebruikt om omhoog te stappen, terug naar de startpositie. 
Herhalen: Wissel af met de andere voet, of blijf met dezelfde voet de herhalingen doen voordat je van kant wisselt.

Voordelen van step-ups:
Trainen van spieren: De oefening richt zich op de quadriceps, hamstrings, bilspieren en core, wat bijdraagt aan een sterker onderlichaam. 
Verbetering van stabiliteit: Je bovenrug- en schouderspieren werken als stabilisatoren, wat de algehele stabiliteit van je lichaam vergroot. 
Functionele beweging: De beweging bootst het traplopen na, wat een functionele en alledaagse beweging is. 
Verhogen van mobiliteit en flexibiliteit: Door het volledig strekken van de heupen en enkels, verbetert de bewegingsvrijheid in deze gewrichten. 


7.   De squat (30 s)

Een squat is een veelzijdige fitnessoefening, ook wel kniebuiging genoemd, waarbij je je knieën buigt en je billen naar achteren duwt, alsof je op een stoel gaat zitten. Het is een samengestelde (compound) oefening die meerdere spiergroepen tegelijk aanspreekt, met name in het onderlichaam, zoals de bilspieren, quadriceps en hamstrings, en ook de core-spieren. Squats kunnen worden uitgevoerd met lichaamsgewicht of met extra gewichten en zijn essentieel voor kracht, stabiliteit en spieropbouw in het onderlichaam. 

Hoe voer je een squat uit?
Startpositie: Ga staan met je voeten op schouderbreedte uit elkaar, de voeten licht naar buiten gedraaid. 
Zakken: Duw je billen naar achteren en zak rustig door je knieën, terwijl je je borst vooruit houdt en je rug recht. 
Diepte: Zak totdat je benen een hoek van 90 graden hebben, of totdat je heupen lager zijn dan je knieën. 
Opstaan: Duw jezelf krachtig omhoog, span je bilspieren aan en kom weer rechtop te staan. 

Belangrijke punten:
Houding: Zorg voor een rechte rug en kijk recht vooruit om overbelasting van de onderrug te voorkomen. 
Gewicht: Verdeel je gewicht op je hielen en houd je voeten plat op de grond. 
Ademhaling: Adem in tijdens het zakken en adem uit tijdens het omhoogkomen. 

Waarom squats belangrijk zijn:
Kracht en Omvang: Ze vergroten de kracht en omvang van de spieren in je benen en billen. 
Functioneel: De beweging verbetert je vermogen om te springen, trappen en sprinten. 
Stabiliteit: Squats helpen bij het ontwikkelen van een sterke core, wat bijdraagt aan de stabiliteit van het lichaam. 

8.   De laterale plank
De laterale plank, of zijwaartse plank, is een krachttrainingsoefening waarbij je op één ellenboog en de zijkant van je voeten steunt, met je lichaam in een rechte lijn van hoofd tot voeten, om de schuine en diepe buikspieren te versterken en de stabiliteit van de core te verbeteren. 

Uitvoering van de zijwaartse plank:
Startpositie: Ga op je zij liggen. 
Ellenboog: Plaats je ellenboog onder je schouder en je benen gestrekt op elkaar. 
Lichaam omhoog: Duw je heupen omhoog zodat je lichaam een rechte lijn vormt van je hoofd tot je voeten. 
Aanspannen: Span je buikspieren aan door je navel in te trekken. 
Duur: Houd deze positie 30 tot 60 seconden vast en wissel dan van kant.

Doel van de oefening:
Sterke core: De zijwaartse plank traint de dwarsliggende en schuine buikspieren, wat zorgt voor een sterkere core. 
Stabiliteit: De oefening verbetert de stabiliteit van de wervelkolom, wat belangrijk is bij bewegingen zoals hardlopen. 
Minder druk op de rug: In vergelijking met de normale plank, kan de zijwaartse plank minder druk op de wervelkolom uitoefenen. 


9.   De lunge (60 s)

Een lunge (uitvalspas) is een fitnessoefening waarbij je met een grote stap een been naar voren plaatst en je knieën buigt, zodat je bovenbenen bijna parallel aan de grond komen. Het doel is om je beenspieren te versterken, je balans en coördinatie te verbeteren, en je lichaam te stabiliseren. 

Hoe voer je een lunge uit?
Startpositie: Ga rechtop staan met je voeten op heupbreedte. 
Stap naar voren: Zet een grote stap naar voren met één been. 
Zak naar beneden: Buig beide knieën, zodat je voorste dijbeen nagenoeg parallel aan de vloer is en je achterste knie de grond net niet raakt. Je bovenlichaam blijft hierbij rechtop. 
Duw jezelf omhoog: Duw je voorste voet krachtig van de grond om weer terug te komen in de startpositie. 
Wissel van been: Herhaal de oefening met het andere been. 

Belangrijke voordelen van lunges:
Versterking van beenspieren: Je traint de quadriceps (voorkant bovenbeen), hamstrings (achterkant bovenbeen) en bilspieren. 
Verbetering van balans en coördinatie: Omdat je één been tegelijk belast, moeten stabiliserende spieren hard werken, wat je balans verbetert.
Kracht in het onderlichaam: Het is een uitstekende oefening voor functionele kracht en een betere houding. 


10.   De stoel triceps dip (60 s)
De stoel triceps dip is een oefening om de triceps (de spier aan de achterkant van de bovenarm) te versterken, waarbij je lichaamsgewicht gebruikt. Je plaats je handen op de rand van een stoel, laat je lichaam zakken door je ellenbogen te buigen, en duwt jezelf vervolgens weer omhoog. Dit is een effectieve oefening voor thuis, die ook de schouders en borstspieren aanspreekt. 

Hoe de oefening uit te voeren:
Startpositie: Ga op de rand van een stevige stoel zitten, met je handen op de stoelrand, net naast je heupen, en je vingers naar voren gericht. 
Voeten plaatsen: Schuif je heupen en voeten iets naar voren, weg van de stoel, zodat je lichaam vrij kan bewegen. Je kunt je benen gestrekt houden of je knieën buigen voor een minder intensieve variant. 
Zakken: Buig langzaam je ellenbogen en laat je lichaam zakken, totdat je ellenbogen een hoek van ongeveer 90 graden vormen. Houd je ellenbogen dicht bij je lichaam en richt ze naar achteren, niet naar de zijkanten. 
Omhoog duwen: Duw jezelf krachtig weer omhoog door je triceps aan te spannen en je armen te strekken, tot je weer in de startpositie bent. 
Herhalen: Herhaal de beweging gecontroleerd voor het gewenste aantal herhalingen. 

Spieren die je traint:
Primair: De triceps (driehoofdige spier aan de achterkant van je bovenarm) worden voornamelijk aangesproken. 
Secundair: Ook de schouderspieren en borstspieren worden gebruikt om je lichaam in balans te houden tijdens de beweging. 


Er zijn nog meer oefeningen mogelijk, bekend vanuit de atletiek. Bijvoorbeeld het zogenaamde molenwieken: je spreidt je benen ver uit elkaar en tikt om de beurt met de linkerhand je rechtervoet aan en andersom. Je zwaait je armen zo ver mogelijk naar achteren.
Of het aanspannen van je buikspieren. Ga op je rug liggen, strek je benen en til ze steeds gedurende 10 seconden een stukje omhoog, zo'n 10 decimeter boven de grond. Doe dit minimaal 10 keer. 
Als het je niet helemaal duidelijk is hoe je deze oefeningen uit moet voeren, kijk dan op YouTube. Daar staan je talloze instructiefilmpjes ter beschikking. Succes ermee!