Afdrukken

Dichterbij komen is afstand nemen van de ruimte, het ademen van
de zee, het helmgras van winderige duinen, je kruipt terug, het
binnenland in, de beschutting van een huis, een kamer, de open
haard, opgestookt tot een paar graden boven eenzaamheid, leg je

je winterkleed af. Het leven laat zich niet vangen, niet in gedachten,
tweekoppig duikt ze op waar je haar hebt achtergelaten, natuurlijk,
er is een midden, een balanceeract tussen uitersten, een dun touw
tussen wolkenkrabbers, niet omlaag kijken, anders val je, je reikt naar

de overkant, het touw is slap en wiebelig, het broeit in je hoofd, je verliest
controle, je wilt terug. Angst is de staat van ontbinding zodra je niet kiest,
de wereld glijdt weg onder je voeten, je valt zo lang je geen lasso hebt
om ergens aan te haken, roepen heeft geen zin, je sterft in schoonheid.

Geboren worden is een gevaarlijke keuze, je nadert, de warmte
schroeit, doet pijn tot in je botten, je verdraagt het, ten slotte slaan
je gedachten op de vlucht wanneer je ze bij kop en kont vast wilt 
pakken, bang als ze zijn om aards te worden, achter een strijdkar 

over de vlakte voortgetrokken, de haren door de modder, als in de tijd 
toen schoonheid nog uit het blauw tevoorschijn kwam, teer als engelen
zijn ze o zo voorzichtig om met jou verweven te raken, komen af en
toe langs, tikken je aan, is er een kamer vrij, kan ik die reserveren,

ben zo weer weg, op doorreis voor zaken, heb het druk tegenwoordig,
see you soon. Hou er een vast, dat je een keer vlugger bent dan de flits
in je dakpanhoofd, ligt ie op tafel te spartelen onder jouw aandacht, 
smekend om losgelaten te worden, raak je hem aan, zie je hem

huiveren, in elkaar duiken, verschrompelen tot een zielig hoopje as
waar elk vuur uit gedoofd is, de ruimte verstoord, de lucht droef en grijs.