Hoofdbanner

Nu, tijdens de kerstperiode, is het sterker aanwezig dan anders. Zoals ik ook in mijn boek ‘Jaarfeesten’ omschrijf, de vonk die in je binnenste ontstoken kan worden, dringt zich in deze tijd onweerstaanbaar naar boven. Zo ervaar ik het ten minste. Er hangt een zweem van vrede en harmonie in de lucht. De commercie springt daar handig op in. Films als ‘Love actually’, ‘Home alone’ en natuurlijk de nooit ontbrekende verfilmingen van ‘A Christmas Carol’ van Charles Dickens, met de nog altijd aansprekende Ebenezer Scrooge in de hoofdrol, doen het goed in deze tijd. Algemener als onderstroom: in de diepste duisternis (midwinter) is er het grootste verlangen naar licht en vrede, en in het verlengde daarvan, naar de verbinding met de ander. Deze periode vieren we dan ook voornamelijk met de ons dierbaren.

Kenmerk van het zoeken naar een diepere binding met de ander is aandacht. Door het lezen van de geschriften van Simone Weil ben ik me hier nog meer bewust van geworden. Simone Weil wordt door Albert Camus niet voor niets ‘de enige grote geest van onze tijd’ genoemd. Ikzelf ben diep onder de indruk van haar zoeken naar 'waarachtigheid'.
Maar ja, wat versta je onder aandacht? Simone Weil zegt het zo: ‘Het is een intense, zuivere en genereuze aandacht, zonder motief of belang.’ Maar de werkelijkheid is haast tegengesteld aan dit streven naar aandacht, volgens Simone Weil. Ontworteling, gerichtheid op uiterlijkheden als macht, status, efficiency, het alles willen uitdrukken in kille cijfers, onze wereld zit er vol mee. Het gevolg is het niet of weinig ervaren van innerlijke normen en waarden, een gebrek aan zingeving bij veel mensen, ontreddering, eenzaamheid. Kortom, een wereld die alleen aan zichzelf denkt en zich niet bekommert om het welzijn van anderen. Zelf concludeert ze: ‘De mens heeft een warme stilte nodig, maar krijgt ijskoud lawaai.’ 

Herkenbaar. In plaats van nieuwe dingen te leren, moeten we leren om onweerlegbare en overduidelijke waarheden te door­gronden. De aandacht waar Weil op hamert staat voor haar gelijk aan liefde.
Dat vind ik een mooie gedachte: aandacht die overgaat in verbinding, in het in harmonie willen leven met alles en iedereen, zelfs met je grootste vijanden. Dit klinkt verheven en ver weg van ons dagelijkse leven. Maar het is zo dichtbij dat je er haast aan voorbij gaat.

Wat aandacht krijgt, groeit, is een bekend gezegde. Positieve aandacht kan leiden tot een overgave aan een verbindende liefde, voeg ik daar aan toe. Om ons heen zien we dit dagelijks gebeuren. De vader en moeder die hun kind vol aandacht opvoeden: dat is liefde. De kok in het restaurant die met volle aandacht zijn eten bereid: de heerlijke smaak die je proeft is de liefde die hij er tijdens het bereiden heeft ingestopt. Vergelijk dat eens met een kant-en-klare maaltijd uit de supermarkt. Die is fabrieksmatig gemaakt, zonder persoonlijke aandacht. Dat proef je, het is vaak smakeloos. Er is geen liefde ingestopt.
En toch, zeg ik tussen haakjes, een wetenschapper zal zeggen, nadat hij onderzoek heeft gedaan naar alle voedingsstoffen die in zowel het fabrieksvoedsel als het door de kok in het restaurant bereide eten aanwezig zijn, er is geen verschil. Er zitten namelijk precies dezelfde stoffen in, zowel qua vitamines als eiwitten etc. De wetenschap toont dit ontegenzeggelijk aan. Het verschil in beleving zit tussen je oren, zal hij als verklaring geven.

Tja, de wetenschap heeft geen aandacht voor het begrip ‘aandacht’. Die is namelijk niet meetbaar. In die zin faalt ze in de poging ‘het levende in de wereld’ te verklaren en te verbeteren. Los van de ongelooflijke successen die ze op het materiële vlak behaalt. En waar ikzelf het grootste ontzag voor heb. Ik kan dat niet genoeg benadrukken.
De aandacht die als vanzelf overloopt in een overgave aan liefde tref je op zoveel vlakken aan. Ook in de literatuur bijvoorbeeld. Boeken die jou raken, daar is door de schrijver een grote hoeveelheid liefde ingestopt. Zelfs erkende misantropen als Céline en W.F. Hermans, die beiden prachtige boeken hebben geschreven, laten in hun schrijven een ander gedeelte van hun persoonlijkheid zien, namelijk liefde. Dit gaat op voor alle kunstvormen waaraan wij ons laven. De beoefenaars, of het nu schilders, musici, toneelspelers, regisseurs of cabaretiers zijn, hun gezamenlijke overeenkomst is dat ze hun liefde naar buiten toe weten over te dragen. Maar ook de buurman of buurvrouw die belangstelling voor je heeft. En zoveel andere mensen die je dagelijks tegenkomt of met wie je in gesprek raakt.
Dat is toch een mooie gedachte, zo in deze kersttijd. Er is meer liefde onder ons dan dat we bewust zijn.