Afdrukken

In het Nieuwe Testament van de Bijbel zijn er twee evangelies die de geboorte van Jezus beschrijven, namelijk dat van Lucas en dat van Mattheus.

In het Lucas-evangelie staat hoe Jezus wordt geboren in een stal, te midden van herders en engelenkoren. Het is een poëtisch, haast lieflijk tafereel. De mededelingen zijn verder kort. Hoe Jozef en Maria vanuit Nazareth (hun woonplaats) naar Bethlehem trokken en het pasgeboren kind daar in een kribbe werd gelegd omdat er geen plaats in de herberg voor hen was. Hoe de eerbiedwaardige Simeon en de oude Anna aanwezig waren bij de besnijdenis van het jongetje, acht dagen na zijn geboorte.
Het is Maria's eerstgeboren en ook enige kind. Jozef stamt van het geslacht David; vandaar dat ze naar Bethlehem, de stad van David, moesten afreizen om zich voor de volkstelling in te schrijven.
Verderop in het evangelie staat uitvoerig de stamboom van Jozef vermeld, van onder naar boven. Jozef, zoon van Eli, zoon van Matthan, zoon van Levi etc. Dat gaat zo ongeveer 75 namen verder, tot we uitkomen bij Adam, en tenslotte bij God.

Het Mattheus-evangelie begint meteen met de stamboom van Jozef, nu echter beginnend van boven af aan, niet bij God maar bij de mens Abraham. Maar, en dat is zeer opvallend, helemaal onderaan heet de vader van Jozef hier Jakob. Diens zoon heet Matthan, en diens zoon Eleázar etc. En ook verder is de stamboom volledig anders dan bij het Lucas-evangelie. Dat is vreemd natuurlijk, juist omdat men in die tijd veel waarde hechtte aan een juiste weergave van de stamboom.
Jozef en zijn vrouw Maria blijken vervolgens te wonen in een huis (!) in Bethlehem (Mattheus 1:18). Hier niets over Nazareth, over de volkstelling en over het zoeken naar een herberg. Wel het bekende verhaal van de drie koningen die de ster hebben gevolgd om getuige te kunnen zijn van deze bijzondere geboorte. Niets over herders, laat staan een stal. Wel de dreiging van en vervolging door koning Herodes, die zijn troon zag wankelen toen hij het bericht ontving dat er een nieuwe koning was geboren. Vervolgens de kindermoord, de vlucht van Jozef en Maria naar Egypte. Aansluitend wordt verteld (Marcus 6:3) dat deze Jezus vier broers en twee zusters heeft. De bekendste broer is Jakobus, de anderen heetten Jozef, Simon en Juda.

De verschillen in de beschrijvingen in de twee evangelies over de geboorte van Jezus zijn zo groot dat er volgens veel esoterici maar één conclusie gerechtvaardigd is: het zijn twee verschillende kinderen.
In de theosofie wordt dit gegeven al eeuwen als waar aangenomen, dat van de twee Jezuskinderen. Eind 19e eeuw kwamen de theosofen (Madame Blavatsky) er voor het eerst op papier mee naar buiten.
Zo wijst men naar een schilderij, dat van Borgognone dat in de San Ambrogio te Milaan hangt, dat de twee Jezuskinderen elkaar laat ontmoeten, in de Tempel, toen de 12-jarige Jezus uit het Lucas-evangelie tijdens het Paasfeest opeens 3 dagen zoek was.

De betekenis van de twee Jezuskinderen is voor leken natuurlijk raadselachtig, voor mijzelf ook. Velen zullen het als belachelijk van de hand wijzen. Wanneer je het Lucas-evangelie en dat van Mattheus echter tegenover elkaar zet, valt op dat bij Lucas alles licht en hemels is, vanuit schoonheid en liefde vervuld. De eerlijke eenvoud van de herders, de stal met de kribbe, de engelen die blij en juichend zingen, de onbezorgde besnijdenis in het openbaar.
Bij Mattheus daarentegen is er vooral voornaamheid en dreiging. De opsomming aan het begin van het evangelie van de stamboom van Jozef, daarmee de grote verantwoordelijkheid aangevend. De vooraanstaande positie van Jozef in zijn woonplaats Bethlehem, de ster, het bezoek van de koningen, Herodes die het kind wil laten doden, de vlucht naar Egypte.

Je kunt grofweg zeggen, de één (Lucas) staat voor het paradijselijke begin (de alfa), de ander (Mattheus) voor de aardse wijsheid en voleindiging (de omega). Het Lucaskindje werd volgens apocriefe verhalen geboren in de nacht van 24 op 25 december, het Mattheuskindje op 6 januari, wat tevens de dag is van de doop in de Jordaan. Zegt Jezus ergens ook niet: ik ben de alfa en de omega, het begin en het einde? En vormen de dagen tussen Eerste Kerstdag en Driekoningen (de zogenaamde 13 heilige dagen) ook niet de hele wereldgeschiedenis ineen?
Zo zijn er veel motieven te ontdekken als reden waarom er twee Jezuskinderen zijn geweest. Motieven die meer diepte geven aan dit geboorteverhaal dan dat wij vanuit de Kerk en wellicht onze jeugd aangereikt hebben gekregen.

Er bestaat een uitgebreide literatuur hierover. Meest bekend en ook in heldere hedendaagse taal geschreven zijn de boeken van de gerenommeerde cultuurhistoricus Jacob Slavenburg. Ook ikzelf heb bovenstaande al eerder (en uitgebreider) beschreven, in mijn boek uit het jaar 2000,
Van herfst tot zomer. Maar in mijn latere jaarfeestenboek getiteld Jaarfeesten uit 2017, heb ik hier weer afstand van genomen. Of althans, heb ik het verder niet benoemd. Wat mij betreft is het ook niet relevant.